Diverse mensen hebben me wel eens gevraagd wat ze mee moeten nemen naar een vliegerfestival in Azië, afgezien van hun vliegers. Als standaard antwoord stuur ik ze dan het volgende lijstje met noodzakelijkheden:

Caption

  • Hoed met een brede rand;
  • Ruime bandana;
  • Goede zonnebril;
  • Zonnebrandcrème, factor >25;
  • Een stevige lange broek;
  • Een blouse met lange mouwen;
  • Goede schoenen, liefst met steun voor de enkels;
  • Oordoppen;
  • Souvenirs.

Optioneel mee te nemen zijn:

  • “Camelback”;
  • ORS pakjes;
  • Misty Mate“;
  • Koeltas of een safari-jasje;
  • Kompas of GPS.

Eerste en tweedegraads brandwonden (vooral neus en oren) en zonnesteek zijn slaan sluipend toe in de tropen en verzieken de pret danig. Een breedbandige hoed is daarom een goede optie om gezicht en hoofd te beschermen. Helaas biedt een hoed meestal onvoldoende bescherming in de nek, vandaar de bandana. Over het hoofd geknoopt kan een bandana worden natgemaakt ter verkoeling en de uiteinden beschermen de nek tegen verbranding. Op festivals lijkt de wind de vliegers altijd recht in de brandende zon te blazen, en door het vele omhoog kijken is de hoeveelheid ultraviolet licht dat gezicht en ogen bereikt hoog. Vandaar dat zonnebril en brandcrème onontbeerlijk zijn.

In de meeste landen in Azië worden korte broek en geheel ontblootte armen getolereerd, maar niet gewaardeerd. Vandaar dat ik meestal lange broeken en T-shirts meeneem, aangevuld met een blouse. Een dergelijke combinatie biedt voldoende bescherming tegen een lange dag zonneschijn en levert opvallend positieve dialogen met lokale vliegeraars op. Ook biedt een lange broek betere bescherming tegen ongerechtigheden op het vliegerveld, in Azië vaak net geoogste rijstvelden of afgedankte bouwterreinen. Deze velden zitten vaak vol gaten, scherpe grassoorten en/of uitstekende metalen en plastic voorwerpen. Goed schoeisel en bescherming van de onderbenen zijn noodzakelijk om verzwikking, wondjes en infecties te voorkomen.

Hoe raar het ook mag klinken, oordoppen zijn bijna van levensbelang op festivals hier. Vaak worden de megawatt geluidsboxen zodanig geplaatst dat ze recht over het vliegerveld blazen. Normale gesprekken zijn hierdoor onmogelijk en oordoppen helpen dan als bescherming van gehoorbeschadigingen, of in een extreem geval als bescherming tegen gekte (als een smartlap-achtig vliegerlied drie dagen lang onafgebroken wordt herhaald; iemand die het lef heeft het lied ‘Layang layang’ te zingen loopt grote kans door me vermoord te worden!).

Grondankers zijn schaars en onbetrouwbaar en onbewaakte vliegers zijn vrijwel vogelvrij. Ik laat daarom vliegers niet graag onbewaakt achter, en sta dan lange tijd in de brandende zon. Een “Camelback” (rugzak-achtig waterreservoir) en een “Misty Mate” (hoge-druk waterverstuiver) bieden dan de nodige verkoeling terwijl ik van mijn vliegers geniet. Zo nu en dan wat ORS (of isotonic drankje) zorgt ervoor dat zout- en suikernivo een beetje op peil blijven. Een koeltas of safari-jasje om water in mee te nemen zijn alternatieven. Daarnaast biedt een kompas, of GPS, hulp bij het achtervolgen van losgeslagen vliegers in het doolhof van straten om de festivals.

14/05/1999 (Verschenen in Vlieger 02/3)

Advertenties