Hoe verder we teruggaan in de vliegergeschiedenis, hoe minder zekerheden we hebben. Er bestaat nog altijd een dispuut over het eerste gebruik van een vlieger als bliksemvanger, “slechts” 250 jaar geleden. De oudste verwijzingen naar vliegers, zo’n 3.000 jaar geleden zijn veel onnauwkeuriger. De vlucht van de ‘houten vogel’, bijvoorbeeld, wordt geroemd door diverse rassen. En niets is zeker over de prehistorische vlieger, door gebrek aan hard bewijs. Maar…

De laatste jaren gonst het in Indonesië van geruchten over hard prehistorisch bewijs van een vlieger. Op het eilandje Muna (Zuidoost Sulawesi) zou een prehistorische tekening van een vlieger zijn gevonden. Een dergelijke vondst staat in de vliegergeschiedenis gelijk aan de vondst van de heilige graal. Het is dan ook niet verbazend dat allerlei “graalridders” zich buigen over de geruchten; sommigen gaan zelfs – als in een Indiana Jones film – op queeste/expeditie.

Volgens Philippe Cottenceau heeft hij – samen met Hans Silvester – de grottekening in 1999 bezocht, en er foto’s van gemaakt. Cottenceau twijfelt echter aan de echtheid van de grottekening en verwijst daarbij naar de sterk afwijkende tekenstijl van andere grottekeningen in hetzelfde gebied. Toch zijn tot op de dag van vandaag de foto’s niet gepubliceerd. Als reden voor het uitblijven van de publicatie wordt het meerjarenplan voor Silvester’s vliegerboek aangedragen.

Dan begint Wolfgang Bieck in juli 2002 zijn queeste om de grottekening te bezoeken. De geruchtenstroom draait overuren als bekend wordt dat Bieck de grottekening gevonden – en gefotografeerd – heeft. Naar aanleiding van Bieck’s poging vermeldt de Jakarta Post op 12 September 2002 dat in Zuidoost Sulawesi een grot is ontdekt met tekeningen van vliegers. Helaas publiceert ook dit artikel geen foto’s, omdat Bieck nog werkt aan een publicatie.

Eind 2002 maakt de Drachen Foundation zich onsterfelijk met een poging tot aansluiting als graalridder. In het ‘Kite Journal No 10‘ verschijnt een – anoniem – artikel dat de opvattingen van Cottenceau herkauwt. Zonder enige aanvullende referenties komt het artikel dan tot een verrassende, zeer dubieuze conclusie. Xenofobisch stelt het vast dat aanvullende informatie onwaarschijnlijk is, omdat Islamitisch Indonesië ontoegankelijk is voor westerlingen.

Caption

Gelukkig publiceerde Bieck vorige maand zijn foto’s in Sport und Design Drachen 1 (2003), en op zijn website. Een beter bewijs dat de Drachen Foundation grote onzin uitkraamt bestaat haast niet! Ook komt er eindelijk een eind aan de speculaties over het bestaan van de grottekening. Erg kritisch is het begeleidend verhaal echter niet, en opvallende vraagtekens blijven daardoor onbeantwoord.

Terwijl Cottenceau spreekt over een levensgevaarlijke klim, beschrijft Bieck een welhaast inspannende wandeling. Cottenceau noemt een okerkleurige vlieger met staart, Bieck’s foto toont een donkerrode vlieger zonder staart. Zelfs over het jaar waarin de grottekening is ontdekt verschillen beide versies! Spreken beide heren wel over dezelfde grottekening? Is een nieuwe route naar de grot gevonden? Is Cottenceau’s interpretatie fout? Of bestaan er twee tekeningen? Niets is zeker…

Ook leiden de Bieck’s foto’s tot vraagtekens. Opvallend is het kleurverschil tussen de donkerrode vliegertekening en de okerkleurige tekeningen ernaast. Ook de stijl van de tekening verschilt met de andere tekeningen. En de vorm van de vlieger lijkt op een hedendaagse lokale vlieger (zie ‘Kaghati Muna‘, VLIEGER 99-4). Deze punten doen vermoeden dat de vliegertekening ouder (of jonger!) is dan de omliggende tekeningen. Een cruciale vraag die hierbij speelt: hoeveel ouder/jonger is de grottekening? Niets is zeker…

Caption

Interessant hierbij is een punt waar de versies van Bieck en Cottenceau wel overeen komen. Beide versies beschrijven een ontdekking opmerkelijk kort na een duidelijke vraag om een grottekening van een vlieger. Het lijkt erg toevallig, voor een land waar vervalsingen en gloednieuw “antiek” op iedere rommelmarkt te koop zijn. Cottenceau’s twijfels over de leeftijd van de tekening zijn daarom gerechtvaardigd. De leeftijd van de grottekening moet zo spoedig mogelijk vastgesteld worden!

Zodra de leeftijd van de grottekening is bepaald, kunnen de graalridders hun zwaarden slijpen voor een debat over de oorsprong van de tekening. Mijn voorkeur gaat in de richting van de voorouders van de Polynesiërs (zie ‘Wie of waar?‘, VLIEGER 2002/4). De aard-, taal- en volkenkunde van zo’n 5000 jaar geleden duiden op een hoog ontwikkeld ras. Ook de overeenkomsten in vliegerbouw van Muna en Polynesië wijzen in deze richting.

De reislust van deze zeevaarders maakt de theorie nog interessanter! Volgens Cribb (2000) zijn ze zo’n 4.500 jaar geleden in Madagaskar geweest! Ligt hier een relatie met de overleveringen van vogels/vliegers in Egypte (minstens 2.500 jaar oud)? Of met de vleugels van Icarus, zo’n 3.500 jaar geleden? Indonesië, Madagaskar, Egypte, Griekenland lijkt een aannemelijke “vliegerreis”. Helaas, ook voor de prehistorie van de vlieger geldt: niets is zeker…

06/01/03 (Verschenen in Vlieger 03/2 & besproken in ‘Flying High’, AKS, April 2003)

Bibliografie

Diverse vliegerboeken bieden de aanknopingspunten over de prehistorie van de vlieger. Hart (1982) is voor menigeen nog steeds de bijbel van de vliegergeschiedenis. Yolen (1976) biedt een aantal aanvullende prehistorische wetenswaardigheden. Kroeze (1986) biedt een aardig overzicht voor Nederlandse lezers, en ook VLIEGER brengt geregeld artikelen over het onderwerp.

  • Cribb, R. 2000. Historical atlas of Indonesia: United Kingdom (ISBN 9810427719).
  • Hart, C. 1982. Kites, an historical survey: Paul P Apple, New York, USA (ISBN 0911858407).
  • Kroeze, H. 1986. Vliegeren, met ruim 20 originele vliegerontwerpen: Uitgeverij Tulp, Zwolle (ISBN 902297704X).
  • Yolen, W. 1976. The complete book of kites and kite flying; how to build and fly over 35 dazzling kites: Simon & Schuster, New York, USA (ISBN 0671221914).

Wolfgang Bieck en Tal Streeter waren zo vriendelijk commentaar te leveren op de concept versies van dit artikel. Ik dank beide hartelijk voor hun inzet! Diverse e-mails, met verzoeken om commentaar, zijn gestuurd naar Drachen Foundation en Philippe Cottenceau. Tot nu toe is geen commentaar van beide partijen ontvangen.

Advertenties